Blog

Murphy voor klaphekjes

Dat ik fotograaf moest worden besloot ik op grond van een serie foto’s van de Posbank, op een mooie herfstmiddag. Ik zal een jaar of veertien zijn geweest en was overdonderd door het late oktoberlicht. En ik veronderstelde dat de rest van de wereld dat ook zou zijn, als ik het ze maar liet zien. Met de nadruk op ik.

Afijn, er kwam iets tussen. Geen wetten of praktische bezwaren; het was een van die vele koerswijzigingen waarvan je achteraf alleen maar kunt vaststellen dat ze hebben plaatsgevonden.

Toch kom ik er nog steeds graag. Afgelopen weekend bijvoorbeeld liep ik de onvolprezen NS-wandeling Veluwezoom. Terwijl ik de straten van Dieren achter me liet brak de zon door de mist. Weergaloos en onbeschrijflijk, dus ik beperk me tot drie observaties:

  • Het pointillisme is vrijwel zeker uitgevonden door een schilder die zich net als ik laafde aan de felgele kleur van de laatste berkenblaadjes.
  • Mountainbikers zijn net honden. Ze leven in roedels, je hoort ze al van verre aankomen en ze gaan uit zichzelf niet aan de kant. Of ze ook zo onnozel zijn dat ze weggeworpen stokken keer op keer terugbrengen heb ik niet kunnen vaststellen.
  • De wet van Murphy voor klaphekjes: de opening zit nooit aan de kant waar je aan trekt/ tegen duwt.